ECLI:NL:RBSGR:2008:BF1932
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Bloebaum
- Rechtspraak.nl
Opheffing bewaring wegens ontbreken zicht op uitzetting naar Afghanistan
Eiser is op 1 april 2008 in bewaring gesteld met het oog op uitzetting naar Afghanistan. Bij eerdere uitspraak op 25 juli 2008 werd het beroep tegen de bewaring ongegrond verklaard. In het huidige beroep stelt eiser dat de bewaring onrechtmatig is omdat er geen zicht is op uitzetting en dat de maatregel niet gerechtvaardigd is.
De rechtbank weegt brieven van het Afghaanse consulaat van 11 augustus en 9 september 2008 mee, waarin wordt aangegeven dat Afghanistan tegen onvrijwillige terugkeer is en geen medewerking verleent. Er is geen sprake van een stilzwijgend 'geen bezwaar' en eerdere verwijzingen naar uitzettingen zijn niet overtuigend zonder ondubbelzinnige instemming van de Afghaanse overheid.
Gezien deze omstandigheden en het feit dat de bewaring bijna zes maanden heeft geduurd, concludeert de rechtbank dat er geen zicht is op uitzetting. Daarom wordt het beroep gegrond verklaard en de bewaring per direct opgeheven. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen, maar verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: De bewaring van eiser wordt opgeheven wegens ontbreken van zicht op uitzetting naar Afghanistan.