ECLI:NL:RBSGR:2008:BD0935
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen uitzetting en afwijzing beroep vrijheidsontnemende maatregel
Eiser, een Burundische nationaliteit, werd op 7 april 2008 de toegang tot Nederland geweigerd en onderworpen aan een vrijheidsontnemende maatregel. Hij stelde beroep in tegen deze maatregel en tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning. Tevens verzocht hij om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen totdat op het beroep zou zijn beslist.
De voorzieningenrechter achtte de beantwoording van prejudiciële vragen over de uitleg van artikel 15, aanhef en onder c, van de Definitierichtlijn van belang voor de beoordeling van het verzoek. Verweerder nam geen standpunt in over het bestaan van een binnenlands gewapend conflict in Burundi, waardoor de rechtbank aannam dat dit niet werd betwist. Gezien het spoedeisende belang werd de voorlopige voorziening toegewezen, waardoor uitzetting werd geschorst.
Ten aanzien van het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel oordeelde de rechtbank dat eiser geen gronden had aangevoerd tegen deze maatregel en verklaarde het beroep ongegrond. Ook het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. De kosten van de procedure werden aan verweerder opgelegd en door de Staat vergoed.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen waardoor uitzetting wordt geschorst; het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard.