ECLI:NL:RBSGR:2008:BC6832
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.P.F. Slijpen
- Rechtspraak.nl
Navorderingsaanslagen en vergrijpboeten belastingplichtige met ernstige administratiegebreken
Eiser exploiteerde een taxionderneming en kreeg na een boekenonderzoek navorderingsaanslagen en vergrijpboeten opgelegd voor de jaren 2000 tot en met 2003 vanwege ernstige tekortkomingen in zijn administratie. Het bezwaar werd aanvankelijk niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding, maar de rechtbank oordeelt dat de overschrijding niet aan eiser kan worden toegerekend omdat zijn administratiekantoor verantwoordelijk was voor de late indiening.
De rechtbank stelt vast dat de administratie van eiser zodanige gebreken vertoont dat deze niet als betrouwbare basis voor fiscale winstberekening kan dienen. De navorderingsaanslagen zijn gebaseerd op redelijke schattingen door de Belastingdienst, onder meer gebruikmakend van branchegemiddelden en het aantal ter beschikking staande taxi’s. Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat deze aanslagen onjuist zijn.
Voor de vergrijpboeten oordeelt de rechtbank dat eiser grove schuld heeft aan het niet aangeven van privégebruik van auto's en dat er sprake is van voorwaardelijke opzet bij de omzetcorrecties vanwege onvoldoende toezicht op de rittenstaten. De boetes worden echter gematigd tot € 2.250 per jaar vanwege persoonlijke omstandigheden van eiser, waaronder grote belastingschulden en een AOW-uitkering, en vanwege overschrijding van de redelijke termijn.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraak op bezwaar, handhaaft de navorderingsaanslagen, vermindert de boetes en veroordeelt de Staat in de proceskosten van eiser. Het hoger beroep kan binnen zes weken worden ingesteld bij het gerechtshof te ’s-Gravenhage.
Uitkomst: Het bezwaar wordt ontvankelijk en gegrond verklaard, navorderingsaanslagen gehandhaafd en boetes gematigd tot € 2.250 per jaar.