ECLI:NL:RBSGR:2007:BC0633
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens gebruik valse identiteit en niet binnen 48 procesuren beslist
Verzoeker, afkomstig uit Ivoorkust, diende op 5 oktober 2007 een asielaanvraag in via fax. De aanvraag werd afgewezen omdat verzoeker zich bediend had van een valse identiteit en zijn identiteit niet kon worden vastgesteld, wat de geloofwaardigheid van zijn asielrelaas ondermijnde.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de 48-uurstermijn voor de beoordeling van de aanvraag pas begon bij het daadwerkelijke onderzoek in het Aanmeldcentrum op 31 oktober 2007, en niet bij de eerdere beheersmatige handelingen zoals documentfouillering. Hierdoor was de beslissing tijdig genomen.
Verder werd geoordeeld dat verweerder voldoende beoordelingsruimte had om het asielrelaas ongeloofwaardig te achten vanwege de valse identiteit en het ontbreken van bewijsstukken. Ook werd het beroep afgewezen omdat de besluitvorming niet onzorgvuldig was en de motivering toereikend.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek tot voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot voorlopige voorziening wordt afgewezen.