ECLI:NL:RBSGR:2007:BC0106
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging afwijzing verblijfsvergunning wegens twijfel aan herkomst
Eiser, een vreemdeling van vermeende Burundese nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. Verweerder (IND) wees deze aanvraag af op grond van artikel 31, tweede lid, aanhef en onder f, Vreemdelingenwet 2000, omdat eiser geen identiteits- en nationaliteitsdocumenten kon overleggen en een taalanalyse twijfel opriep over zijn herkomst uit Burundi.
Eiser bracht een contra-expertise in die stelde dat hij waarschijnlijk wel uit Burundi afkomstig is, mede door zijn kennis van Swahili en minimale kennis van Kirundi, en de invloed van het Frans in zijn spraak. De rechtbank oordeelde dat deze contra-expertise voldoende aanknopingspunten bood om twijfel te zaaien over de juistheid van de door verweerder uitgevoerde taalanalyse.
Verweerder kon deze twijfel niet overtuigend weerleggen en had daarmee niet redelijkerwijs kunnen concluderen dat het ontbreken van documenten aan eiser kon worden toegerekend. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en beval een nieuw besluit met inachtneming van deze overwegingen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd; verweerder moet een nieuw besluit nemen.