ECLI:NL:RBSGR:2007:BB4048
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende motivering categoriaal beschermingsbeleid Noord-Irak
Verzoeker, afkomstig uit Noord-Irak, diende een herhaalde aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, nadat een eerdere aanvraag was afgewezen. Hij stelde dat de verslechterde veiligheidssituatie in Noord-Irak aanleiding zou moeten zijn voor het voeren van een categoriaal beschermingsbeleid. Verweerder stelde zich op het standpunt dat de situatie relatief veilig was en dat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangevoerd.
De rechtbank overwoog dat de stukken van Amnesty International en de Schweizerische Flüchtlingshilfe, daterend van na de eerdere beslissing, wel degelijk nieuwe feiten en omstandigheden bevatten die relevant zijn voor de beoordeling. Verweerder had onvoldoende gemotiveerd waarom deze nieuwe feiten niet tot een ander besluit leidden.
De ruime beoordelingsmarge van verweerder laat onverlet dat een motiveringsplicht bestaat. De rechtbank oordeelde dat verweerder deze plicht niet voldoende had vervuld, mede gezien de rapporten die een verslechterde situatie en risico's voor getraumatiseerde personen aantoonden.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen zes weken opnieuw te beslissen, met inachtneming van de overwegingen. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen, en verweerder werd veroordeeld tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de asielaanvraag wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.