ECLI:NL:RBSGR:2007:BA3554
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten bezwaar tegen onjuiste voorlopige aanslag inkomstenbelasting toegekend
Eiseres maakte bezwaar tegen een voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2005 waarin onterecht een inkomen uit aanmerkelijk belang van €102.000 aan haar werd toegerekend, terwijl dit bedrag in de aangifte van haar echtgenoot was opgenomen. De Belastingdienst erkende het bezwaar, maar wees het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
De rechtbank stelde vast dat de fout bij de Belastingdienst lag en niet bij eiseres of haar gemachtigde. De onjuiste aanslag was het gevolg van een leesfout bij de verwerking van de aangifte door verweerder. De rechtbank oordeelde dat deze handelwijze als een aan verweerder te wijten onrechtmatigheid moet worden aangemerkt.
De rechtbank wees de vergoeding van proceskosten toe op basis van het forfaitaire tarief, zowel voor de kosten in bezwaar als in beroep. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van €966 aan eiseres en tot vergoeding van het griffierecht. Het beroep werd gegrond verklaard en de bestreden uitspraak op bezwaar vernietigd.
Uitkomst: De rechtbank kent vergoeding toe voor proceskosten in bezwaar en beroep wegens aan de Belastingdienst toe te rekenen onrechtmatigheid.