ECLI:NL:RBSGR:2005:AT6113
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning wegens ongeloofwaardig asielrelaas en ontbreken vereiste documenten
Eiser, een Turkse Koerd en sympathisant van de HADEP, verzocht om een verblijfsvergunning op grond van asiel vanwege vrees voor vervolging en dienstweigering. Hij had geen geldig grensoverschrijdingsdocument en meldde zich niet onverwijld bij de autoriteiten bij binnenkomst in Nederland.
Verweerder wees de aanvraag af omdat het asielrelaas ongeloofwaardig werd geacht, mede door tegenstrijdigheden over het paspoort en het vertrek uit Turkije. Ook ontbraken documenten die de dienstweigering en vervolging zouden onderbouwen.
De rechtbank toetste terughoudend maar oordeelde dat verweerder terecht het relaas ongeloofwaardig vond en dat eiser onvoldoende aannemelijk maakte dat hij een reëel risico loopt op foltering of onmenselijke behandeling bij terugkeer. Ook humanitaire gronden werden niet aannemelijk gemaakt.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de aanvraag tot verblijfsvergunning afgewezen. De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard.