ECLI:NL:RBSGR:2004:AS4229
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onjuist toetsingskader en onredelijke toerekening ontbreken documenten
Verzoeker, een Turkse nationaliteit dragende asielzoeker, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel die door verweerder werd afgewezen op grond van ongeloofwaardigheid van het asielrelaas en het ontbreken van documenten ter staving van identiteit en nationaliteit. Verweerder stelde dat verzoeker contact met zijn familie in Turkije had kunnen onderhouden om documenten te verkrijgen, maar de rechtbank stelde vast dat verzoeker vanaf zijn vertrek uit Turkije in 1994 tot mei/juni 2004 geen contact had met zijn familie, mede doordat het telefoonnummer pas in maart 2004 werd verkregen en de telefoonlijst bij binnenkomst in Nederland in beslag was genomen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verweerder het ontbreken van documenten niet in redelijkheid aan verzoeker kon toerekenen en dat het toetsingskader dat verweerder toepaste onjuist was. Verweerder had het relaas van verzoeker beoordeeld alsof er sprake was van een zwaar toetsingskader, terwijl het lichtere toetsingskader van toepassing was omdat geen omstandigheid als bedoeld in artikel 31, tweede lid, onder f, Vreemdelingenwet 2000 zich voordeed.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met het motiveringsbeginsel en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van zowel het beroep als de voorlopige voorziening.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.