ECLI:NL:RBSGR:2002:AF2592
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.J. Verbeek
- E.J.M. Heijs
- I.L. de Graaf
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing beroep tegen grensbeschrijvingsbesluit Haagse Herindelingswet
De zaak betreft een beroep van de gemeenteraad van Rijswijk tegen het besluit van 13 februari 2002 waarbij hun bezwaar tegen het besluit van 18 september 2001 tot vaststelling van de grensbeschrijving tussen ’s-Gravenhage en Rijswijk niet-ontvankelijk werd verklaard.
De rechtbank oordeelt dat het besluit van 18 september 2001 moet worden aangemerkt als een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro, waartegen in beginsel beroep openstaat. Verweerder stelde dat het besluit niet appellabel was vanwege verknooptheid met de Haagse Herindelingswet, die als algemeen verbindend voorschrift geldt. De rechtbank verwierp dit standpunt omdat de Haagse Herindelingswet geen algemeen verbindend voorschrift is en geen besluit in de zin van de Awb, zodat het verknooptheidcriterium niet van toepassing is.
De rechtbank concludeert dat de niet-ontvankelijkverklaring onterecht was en verklaart het beroep gegrond. Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak benadrukt de noodzaak van correcte toepassing van het verknooptheidcriterium en de reikwijdte van artikel 8:2 Awb Pro.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van 13 februari 2002 wordt vernietigd wegens onterechte niet-ontvankelijkverklaring.