ECLI:NL:RBSGR:2002:AE3468
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.J. Catsburg
- C. Lely-van Goch
- S. Wijna
- Rechtspraak.nl
Weigering verblijfsvergunning wegens medeverantwoordelijkheid voor misdrijven tegen de menselijkheid bij Iraakse inlichtingendienst
Eiser, afkomstig uit Irak, werkte van 1987 tot 1997 voor de Mukhabarat, de Iraakse inlichtingendienst, waar hij vanaf 1991 hoofd was van een afluisterafdeling. Hij werd verantwoordelijk gehouden voor het doorgeven van informatie die leidde tot mensenrechtenschendingen en misdrijven tegen de menselijkheid. Na zijn detentie en vrijlating vluchtte hij naar Nederland en vroeg asiel aan.
Verweerder weigerde de verblijfsvergunning op grond van artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag, omdat eiser medeverantwoordelijk werd geacht voor ernstige misdrijven. De rechtbank oordeelde dat eiser wist van de misdrijven en deze mede faciliteerde door zijn leidinggevende rol en het doorgeven van informatie aan andere afdelingen die betrokken waren bij deze misdrijven.
Eiser voerde aan dat hij niet persoonlijk betrokken was en geen invloed had, maar de rechtbank verwierp dit. Ook het beroep op artikel 3 EVRM Pro werd afgewezen omdat dit geen recht op verblijf geeft. De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en bevestigde de weigering van de verblijfsvergunning.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de verblijfsvergunning bevestigd wegens medeverantwoordelijkheid voor misdrijven tegen de menselijkheid.