ECLI:NL:RBSGR:2001:AE3526
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering voorwaardelijke verblijfsvergunning Somaliërs Sheikhal-clan wegens onvoldoende beschermingsalternatief
Eisers, leden van de Sheikhal-clan uit Somalië, vroegen een verblijfsvergunning aan in Nederland, welke door de Immigratie- en Naturalisatiedienst werd geweigerd. De rechtbank beoordeelde het asielrelaas en de documenten van eisers, waarbij twijfels over identiteit en nationaliteit werden geconstateerd, maar inhoudelijk werd vastgesteld dat geen sprake was van een reëel risico op vervolging volgens het Vluchtelingenverdrag of een schending van artikel 3 EVRM Pro.
Verweerder baseerde zijn besluit mede op een ambtsbericht van 16 februari 2000 waarin werd gesteld dat leden van de Sheikhal-clan zich veilig zouden kunnen vestigen in de provincie Hiiraan. De rechtbank oordeelde dat dit ambtsbericht onduidelijk en onvoldoende gemotiveerd was, vooral omdat de Sheikhal geen eigen woongebied in Hiiraan hebben en er sprake is van conflicten binnen de Hawiye-clanfamilie.
De rechtbank stelde dat verweerder onvoldoende had onderzocht of er sprake was van ernstige conflicten tussen de Sheikhal en andere Hawiye-clans, zoals voorgeschreven in werkinstructie 224. Ook was verweerder tekortgeschoten in het uitvoeren van een nationaliteitsonderzoek ondanks twijfels over de identiteit van eisers.
Daarom werd het besluit tot weigering van de voorwaardelijke verblijfsvergunning vernietigd en verweerder opgedragen nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van de overwegingen van de rechtbank. De beroepen werden gegrond verklaard voor zover gericht tegen de weigering van de vergunning, en ongegrond voor het overige.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de voorwaardelijke vergunning tot verblijf wordt vernietigd wegens onvoldoende gemotiveerd beschermingsalternatief voor leden van de Sheikhal-clan.