ECLI:NL:RBSGR:2000:AA9418
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.L. Verbeek
- T.M.A. Claessens
- S.C. Stuldreher
- Rechtspraak.nl
Beëindiging nabestaandenuitkering bij huwelijk en gezamenlijke huishouding volgens de Algemene nabestaandenwet
Eiseres ontving een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (Anw) na het overlijden van haar vorige echtgenoot. Deze uitkering werd beëindigd per 1 november 1998 omdat eiseres op 30 oktober 1998 in het huwelijk trad met haar huidige echtgenoot. Eiseres maakte bezwaar tegen deze beslissing en stelde beroep in bij de rechtbank.
De rechtbank beoordeelde of de wettelijke uitzondering in artikel 16, eerste lid, onder b, van de Anw, die het beëindigen van de uitkering bij het aangaan van een gezamenlijke huishouding ten behoeve van verzorging van een hulpbehoevende uitsluit, van toepassing was. De rechtbank concludeerde dat deze uitzondering uitsluitend geldt voor ongehuwd samenwonenden en niet voor gehuwden, omdat een huwelijk per definitie geen uitsluitend verzorgingsrelatie is.
Verder oordeelde de rechtbank dat eiseres en haar echtgenoot niet konden aantonen dat hun gezamenlijke huishouding uitsluitend was aangegaan voor verzorging van een hulpbehoevende. Bovendien verklaarden zij dat zij hoe dan ook zouden trouwen. De rechtbank vond geen grond om artikel 16 van Pro de Anw buiten toepassing te laten en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de beëindiging van de nabestaandenuitkering wordt ongegrond verklaard.