Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- het verzoekschrift met bijlagen van de man, ingekomen op 09 oktober 2024;
- het verweerschrift tevens zelfstandig verzoek met bijlagen van de vrouw, ingekomen op 24 december 2024;
- het verweerschrift met bijlagen van de man op het zelfstandig verzoek van de vrouw, ingekomen op 19 februari 2025;
- het aanvullende verzoekschrift met bijlagen van de man, ingekomen op 28 juli 2025;
- het verweerschrift met bijlagen van de vrouw op het aanvullende verzoek van de man, ingekomen op 3 oktober 2025;
- de berichten met bijlagen van de man van 19 en 28 april 2026;
- het bericht met bijlagen van de vrouw van 20 april 2026;
- het aanvullende verzoek- en verweerschrift met bijlagen van de vrouw, ingekomen op 23 april 2026.
- de man, bijgestaan door zijn advocaat;
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat.
2.De vaststaande feiten
3.De beoordeling
€ 153,73 +
.Omdat de auto aan de vrouw privé toebehoort en daarmee buiten de beperkte gemeenschap van partijen valt, volgt de rechtbank de vrouw niet in haar stelling dat zij een vergoedingsrecht heeft op de gemeenschap aangaande de Mercedes.
€ 795,72
€ 37.551,87
€ 20.548,13 (€ 48.048,13 - € 27.500,-).
€ 1.175,03
€ 503,62
€ 35.455,75
afnameis van
toenameis van (€ 35.416,51 – € 996,85 – € 815,24 =) € 33.604.42.
- in de teller komt het totaalbedrag van de aflossingen (€ 13.584,17);
- in de noemer komt de waarde van de woning op het moment dat de laatste aflossing heeft plaats gevonden, zijnde 1 oktober 2024;
- vermenigvuldigd met de waarde van de woning op de datum van deze beschikking.
4.De beslissing
14 september 2026 te 11.45 uurin het gerechtsgebouw aan
de Steegoversloot 36 te Dordrecht;