ECLI:NL:RBROT:2026:416

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
14 januari 2026
Publicatiedatum
21 januari 2026
Zaaknummer
10.197429.25 (herstelvonnis)
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelvonnis vrijspraak en niet-ontvankelijkheid benadeelde partij in strafzaak

Op 13 januari 2026 sprak de rechtbank Rotterdam een vonnis uit in een strafzaak tegen verdachte, waarbij na de uitspraak twee onmiddellijke kenbare misslagen werden geconstateerd. Deze betroffen het niet opnemen van de vrijspraak van verdachte voor het onder 1 ten laste gelegde feit en het niet verklaren van de benadeelde partij niet-ontvankelijk in het deel van haar vordering dat het bedrag van € 5.000,- overschrijdt.

De rechtbank heeft deze misslagen hersteld in een herstelvonnis van 14 januari 2026. In dit herstelvonnis is expliciet toegevoegd dat verdachte wordt vrijgesproken van het onder 1 ten laste gelegde feit en dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk wordt verklaard in het resterende deel van haar vordering boven € 5.000,-. Tevens is bepaald dat dit deel van de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter.

Het herstelvonnis is gewezen door de meervoudige kamer voor strafzaken van de rechtbank Rotterdam, onder voorzitterschap van G.C. Bos en met de rechters C.G. van de Grampel en N.R. Rietveld. De griffier was H.P. Eekhout. Dit vonnis corrigeert de eerdere fouten en bevestigt de vrijspraak en de niet-ontvankelijkheid van de benadeelde partij in het overschrijdende deel van de vordering.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van het onder 1 ten laste gelegde feit en de benadeelde partij is niet-ontvankelijk verklaard in het deel van de vordering boven € 5.000,-.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam
Team straf 2
Parketnummer: 10.197429.25
Op 13 januari 2026 heeft de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, een vonnis uitgesproken in de zaak zaken tegen:

[verdachte] ,

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1947,
ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:
[adres] [postcode] [woonplaats] ,
ten tijde van het onderzoek op de terechtzitting preventief gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting [naam P.I.] , locatie [detentielocatie] ,
raadsvrouw mr. M. Luijten, advocaat in 's-Gravenhage.
Na de uitspraak is gebleken dat het vonnis op twee punten onmiddellijk kenbare misslagen bevatte, die zich lenen voor eenvoudig herstel.
- In paragraaf 6.4.1 tweede alinea en in het dictum is niet opgenomen dat de de benadeelde partij [slachtoffer 1] niet-ontvankelijk wordt verklaard in vordering, voor zover deze het bedrag van € 5.000,- overschrijdt.
- In het dictum van het vonnis is bij vergissing niet overeenkomstig de inhoud van de overwegingen en de uitspraak ter zitting van 13 januari 2026 opgenomen dat de verdachte is vrijgesproken van het onder 1 ten laste gelegde.
Die zullen daarom bij deze beslissing worden hersteld.

Beslissing

De rechtbank:
herstelt de kennelijke misslag in
paragraaf 6.4.1door daaraan in de tweede alinea na de tweede volzin de volgende zin toe te voegen:
De benadeelde partij wordt in het resterende deel van de vordering niet-ontvankelijk verklaard.
herstelt de kennelijke misslag in het
dictumals volgt door daaraan de volgende zin toe te voegen:
Vrijspraak
verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde onder 1 heeft gepleegd en spreekt de verdachte daarvan vrij;
herstelt de kennelijke misslag in het
dictumals volgt door daaraan de volgende zin toe te voegen:
verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 1] niet-ontvankelijk in het resterende deel van de vordering; bepaalt dat dit deel van de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
beveelt de griffier deze beslissing aan te tekenen op en te hechten aan het origineel van het vonnis dat is hersteld.
Dit herstelvonnis is op 14 januari 2026 gewezen door
mr. mr. C.G. van de GrampelG.C. Bos, voorzitter,
en mrs. C.G. van de Grampel en N.R. Rietveld rechters,
in tegenwoordigheid van mr. H.P. Eekhout, griffier.