Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het dagelijks bestuur van GR Sociaal om haar huishoudelijke ondersteuning toe te kennen voor 4 uur per week, zonder indicatie voor wasverzorging, broodmaaltijden en maaltijdservices. De rechtbank heeft het beroep behandeld en beoordeeld of het dagelijks bestuur terecht geen aanvullende indicaties heeft afgegeven.
De rechtbank oordeelt dat de toegekende huishoudelijke ondersteuning passend is en dat de aangeboden wasservice als algemene voorziening adequaat is, ook gezien de specifieke situatie van eiseres met incontinentie. De rechtbank acht het dagelijks bestuur bevoegd en voldoende onderbouwd om de afwijzing van extra uren voor boodschappen en maaltijdservices te handhaven, mede omdat passende maaltijdservices beschikbaar zijn en de praktische bezwaren van eiseres onvoldoende onderbouwd zijn.
Ten aanzien van broodmaaltijden concludeert de rechtbank dat deze zorg feitelijk door de thuiszorg wordt geleverd en dat er geen noodzaak is voor een indicatie op grond van de Wmo 2015. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, en eiseres krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.