Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een beslissing door het UWV op haar bezwaar tegen een besluit van 16 mei 2024. De rechtbank oordeelt dat het UWV de wettelijke beslistermijn heeft overschreden en dat het beroep daarom gegrond is.
Het UWV heeft op 7 juli 2025 een dwangsombeslissing genomen waarbij een dwangsom van € 1.442,- aan eiseres is toegekend. Vanwege het structurele tekort aan verzekeringsartsen bij het UWV geldt een aangepaste beslistermijn van 30 weken voor werknemersberoepen, waarbinnen het UWV alsnog een besluit moet nemen.
De rechtbank bepaalt dat het UWV een dwangsom van € 100,- per dag moet betalen voor elke dag dat de termijn wordt overschreden, met een maximum van € 15.000,-. Tevens wordt het UWV veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiseres. De uitspraak is gedaan door rechter J.J. Klomp op 2 maart 2026.