Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een beslissing door het UWV op haar bezwaar tegen een besluit van 30 mei 2024. De rechtbank stelt vast dat het UWV de wettelijke beslistermijn heeft overschreden en dat na ingebrekestelling meer dan twee weken zijn verstreken zonder dat het UWV alsnog heeft beslist.
De rechtbank verwijst naar eerdere uitspraken waarin is bepaald dat het UWV vanwege een structureel tekort aan verzekeringsartsen een langere beslistermijn kan krijgen, namelijk 30 weken voor werknemersberoepen. Het beroep is op 31 oktober 2025 ontvangen, waarna het UWV binnen 30 weken alsnog een besluit moet nemen.
De rechtbank legt een dwangsom op van € 100,- per dag met een maximum van € 15.000,- voor het geval het UWV deze termijn overschrijdt. Tevens wordt het UWV veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiseres. De zaak wordt als licht van gewicht beoordeeld omdat het alleen gaat om de overschrijding van de beslistermijn.