Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
uitspraak van de meervoudige kamer van 27 januari 2026 in de zaak tussen
[eiser], handelend onder de naam [handelsnaam], uit Rotterdam, eiser
de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, de minister
Samenvatting
.De minister heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat eiser niet heeft voldaan aan de subsidieverplichtingen, meer specifiek de verplichting dat de voor de sector van eiser geldende collectieve arbeidsovereenkomst – de Collectieve Arbeidsovereenkomst voor de Verpleeg-, Verzorgingshuizen, Thuiszorg en Jeugdgezondheidszorg 2019-2021 – (de cao) van toepassing wordt verklaard. De terugvordering van het bij wijze van voorschot uitbetaalde subsidiebedrag is niet onevenredig. Eiser krijgt dus geen gelijk. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
“de voor de sector van de zorgaanbieder betreffende cao van toepassing te verklaren”(vereiste a) en
“de werknemer in te schalen overeenkomstig de betreffende cao […] en de salarisschaal behorende bij de betreffende coronabaan”(vereiste b). In de toelichting bij dit artikel staat onder meer:
“Ten eerste is de zorgaanbieder verplicht de voor de zorgaanbieder van toepassing zijnde cao toe te passen voor de tijdelijke werknemer. Ook moet de zorgaanbieder de werknemer inschalen overeenkomstig eerdergenoemde cao en in de salarisschaal die hoort bij de betreffende coronabaan.”