Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[persoon A] ,
GARAGEBEDRIJF CHARLOIS V.O.F.,
[persoon B],
[persoon C],
1.De procedure
- het tussenvonnis in het vrijwaringsincident van 21 mei 2025, en de daarin vermelde processtukken,
- de incidentele conclusie van antwoord van Havenbedrijf Rotterdam op het verzoek ex artikel 195 Rv Pro.
2.Het geschil in het incident ex artikel 195 Rv Pro
3.De beoordeling in het incident
4.De beslissing
16 juli 2025voor beraad rolrechter omtrent het bepalen van een mondelinge behandeling,