3.7.2.De huwelijkse voorwaarden luiden – voor zover van belang – als volgt:
“
UNO: Los intervinientes, acuerdan que el patrimonio adquirido por cada uno de ellos, sean muebles o inmuebles, o derechos, acciones o participaciones, seguirán perteneciendo a cada uno de ellos, por lo tanto ninguno de ellos tendrá derecho sobre los bienes del otro, ya que los bienes adquiridos antes del matrimonio no ingresarán a la Sociedad Conyugal, como tampoco sus frutos, ni los aumentos o mejoras que se realicen sobre éstos, como tampoco ingresarán los bienes que se adquieren mediante subrogación;
DOS) Los intervinientes declaran que una vez que contraigan matrimonio no se formará ninguna Sociedad de Bienes, por lo tanto los bienes muebles e inmuebles, derechos, acciones, participaciones, que se adquieren durante el matrimonio pertenecerá a cada cónyuge que lo hubiere adquirido, no otorgando ningun derecho al otro cónyuge, salvo que comparezcan los cónyuges;
TRES) Todos los frutos, intereses, réditos, pensiones, cánones, utilidad, lucro, etcétera, que produzcan los bienes muebles e inmuebles, derechos, acciones o participaciones; adquiridos antes o después del matrimonio permanecerán en el acervo individual de cada cónyuge;
CUATRO) Las donaciones y herencias que se otorguen a cada cónyuge, que compreandan bienes muebles e inmuebles, derechos, accione partici paciones deudas, etcétera, será parte del patrimonio individual de cada cónyuge; sin que el otro cónyuge adquiera sobre ellos ningun derecho y obligación;
CINCO) Los intereses, frutos, réditos, pensiones, cánones, utilidad, ganancia, lucro, etcétera, que produzcan los bienes que hubieren sido heredados o donados a cada uno de los cónyuges antes o durante el matrimonio formarán parte de su patrimonio individual. Esto no confieren ningún derecho u obligación al otro cónyuge;
SEIS) En general todos los bienes, derechos, obligaciones, acciones, participaciones, etcétera, adquiridos antes o durante el matrimonio, seguirán formando parte del patrimonio individual de cada cónyuge por lo tanto no genera Sociedad de Bienes;
(…)
TERCERA: MOTIVO.- La finalidad de la presente Escritura Pública de Capitulaciones Matrimoniales es no fusionar los PATRIMONIOS DE LOS INTERVINIENTES y una vez contraído el matrimonio no se forme la SOCIEDAD DE BIENES, y así cuando se produzca el divorcio no haya nada que liquidar entre ellos, salvo cuando hayan comparecido los cónyuges en la adquisición, siendo su identificación las respectivas escrituras debidamente registradas en el correspondiente Registro de la Propiedad.
(…)”
3.7.3.De man heeft een vertaling van de huwelijkse voorwaarden overgelegd, waarin de voornoemde citaten als volgt zijn vertaald:
“
ÉÉN) De partijen komen overeen dat het vermogen dat door ieder van hen verworven is, roerend of onroerend, of rechten, aandelen, of belangen aan ieder van hen afzonderlijk blijven toebehoren en dat dus geen van hen het recht heeft op goederen van de ander, omdat de vóór het huwelijk verworven goederen niet worden opgenomen in de huwelijksgemeenschap, net zomin als hun opbrengsten, noch vermeerderingen of verbeteringen die daarop van toepassing zijn. Ook goederen die worden verworven via subrogatie worden niet opgenomen.
TWEE) De partijen verklaren dat ze, eenmaal in het huwelijk zijn getreden, geen gemeenschap van goederen vormen en dat derhalve roerende en onroerende goederen, rechten, aandelen, belangen, verworven gedurende het huwelijk, blijven toebehoren aan de afzonderlijke partner die ze verworven heeft, waarbij geen enkel recht wordt toegekend aan de andere partner, behalve dat wat beide partners compareren.
DRIE) Alle opbrengsten, rentes, rendementen, uitkeringen, canons, dividend, winst, etcetera, die roerende en onroerende goederen, rechten, aandelen of belangen voortbrengen verworven voor of na het huwelijk blijven toebehoren aan de individuele boedel van iedere afzonderlijke partner.
VIER) Schenkingen en erfenissen die worden toegekend aan ieder van de partners afzonderlijk, die roerende en onroerende goederen, rechten, aandelen, belangen, schulden, et cetera omvatten, worden onderdeel van het individuele vermogen van iedere afzonderlijke partner; zonder dat de andere partner er enig recht of enige verplichting over krijgt.
VIJF) Rentes, opbrengsten, rendementen, uitkeringen, canons, dividend, baten, winst, etcetera voortkomend uit goederen die zijn geërfd of geschonken aan ieder van de partners afzonderlijk voor of tijdens het huwelijk zullen onderdeel vormen van hun individuele vermogen. Dit geeft geen enkel recht of geen enkele verplichting aan de andere partner.
ZES) In het algemeen blijven alle goederen, rechten, verplichtingen, aandelen, belangen,
etcetera, verworven voor of tijdens het huwelijk, onderdeel vormen van het individuele vermogen van ieder van de partners afzonderlijk en er wordt dan ook geen gemeenschap van goederen gevormd.
(…)
DERDE: MOTIEF: Het doel van deze openbare akte van huwelijkse voorwaarden is om
de vermogens van partijen niet samen te voegen en als het huwelijk eenmaal voltrokken is, wordt geen gemeenschap van goederen gevormd, dus wanneer er een echtscheiding wordt uitgesproken hoeft er niets te worden vereffend tussen beiden, behalve wanneer de partners de eigendomsverkrijging hebben gecompareerd, waarbij hun identificatie bestaat uit de betreffende aktes naar behoren geregistreerd in het corresponderende register van eigenaren.
(…)”
3.7.5.De rechtbank stelt op basis van de vertaling en het debat met partijen tijdens de mondelinge behandeling vast dat partijen niet expliciet in de huwelijkse voorwaarden het recht op pensioenverevening bij scheiding hebben uitgesloten. Uit de huwelijks voorwaarden en de bijbehorende vertaling blijkt dat partijen hebben uitgesloten dat een gemeenschap tussen hen ontstaat. In de oorspronkelijke tekst van de huwelijkse voorwaarden is het woord “pensiones” benoemd in de opsommingen wat uitgesloten wordt door partijen over en weer, bijvoorbeeld in artikel 3. Dit woord is in de door de man overgelegde vertaling vertaald met ‘uitkeringen’. Tijdens de mondelinge behandeling is afgesproken dat de rechtbank de vertaling uit het Juridisch Nederlands-Spaans woordenboek van het woord “pensiones” aan partijen zal voorhouden. In dit woordenboek is de vertaling van “pensión”, de enkelvoudsvorm, vermeld: “alimentatie, backservice, bedrijfspensioenfonds, beslag, bijstand(suitkering), bodempensioen, canon, eindloonsysteem, erfpachtscanon, inkoop, invaliditeitspensioen, kosthuis, levensonderhoud, lijfrenteverzekering, onderhoud (suitkering), ondernemingspensioenfonds, opbouwen, ouderdomspensioen, *pensioen(-), samenloop, staatspensioen, toelage, uitkering, waardevast, wachtgeld, wedde, weduwen- en wezenpensioen, weduwenpensioen, weduwenuitkering, wezenpensioen.” Het woord pensiones is een breed begrip Naar het oordeel van de rechtbank is niet evident dat partijen met de ruime omschrijving dat iedere vorm van bezit al dan niet voor of tijdens huwelijk verworven individueel vermogen is en blijft ook het recht op
pensioenverevening bij scheidinghebben uitgesloten. Dit staat immers niet expliciet benoemd in de huwelijkse voorwaarden. Dat betekent dat de rechtbank toekomt aan de vraag of het de bedoeling is geweest van partijen pensioenverevening uit te sluiten bij huwelijkse voorwaarden.
3.7.6.Blijkens het in de huwelijkse voorwaarden opgenomen motief, waarover tussen partijen geen discussie bestaat, is dat partijen geen samenvoeging van vermogen hebben willen laten ontstaan. Als het huwelijk voltrokken is, wordt er geen gemeenschap van goederen gevormd, dus bij echtscheiding hoeft er niets te worden vereffend tussen beiden, behalve wanneer de partners de eigendomsverkrijging hebben gecompareerd. Partijen hebben voor hun huwelijk langere tijd in Nederland samengewoond. Uit de door de vrouw overgelegde brief van 17 mei 2004 van de Stichting Shell Pensioenfonds gericht aan de man wordt de in Nederland gesloten notariële samenlevingsovereenkomst aan de man geretourneerd. In voornoemde brief wordt aan de man bevestigd dat de aanmelding voor de partnerpensioenregeling is ontvangen, dat sprake is van een gemeenschappelijke huishouding tussen de man en de vrouw en de vrouw daarom als partner in de partnerpensioenregeling is geregistreerd. Partijen hebben dus voor het huwelijk bewust stappen gezet om de vrouw in aanmerking te laten komen voor een partnerpensioenuitkering uit het fonds opgebouwd door de man. Het ligt voor de hand dat, indien partijen van deze beslissing wilden terugkomen en (ook) verevening van het pensioen wilden uitsluiten na scheiding, zij dit expliciet vermelden in hun huwelijkse voorwaarden. Zoals hiervoor overwogen, hebben partijen dit niet gedaan. Partijen hebben hun echtscheiding en de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden geprobeerd onderling af te wikkelen met een conceptconvenant in 2022. Daarin is de uitsluiting van de Wet pensioenverevening bij scheiding opgenomen. De vrouw heeft verklaard dat zij daarom het concept niet heeft ondertekend, omdat deze uitsluiting niet tussen partijen was overeengekomen. De rechtbank ziet bevestiging in het niet expliciet benoemen voor het oordeel dat het de bedoeling van partijen is geweest de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding niet uit te sluiten.