Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
[naam bedrijf],
1.De procedure
- het tussenvonnis van 10 maart 2023 en de daarin genoemde stukken;
- de akte uitlaten van [persoon B] van 31 mei 2023 met betrekking tot overwegingen 4.3 en 5.4 van het hiervoor genoemde tussenvonnis;
- de akte van [persoon A] van 26 juli 2023;
- de akte overlegging producties en wijziging van eis van [persoon B] van 3 december 2023;
- de rolbeslissing van 3 januari 2025;
- de akte van [persoon A] van 4 februari 2025.
2.De verdere beoordeling
€ 3.955,11
- Ingehouden huurbedragen € 23.236,72
- Contractuele rente
€ 23.763,35 –