Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
A.L. Pöllen
A.M.I. van der Does,
1.De procedure
2.De beoordeling van het verzoek
(…) Wraking van de zitting
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechters die betrokken zijn bij civiele zaken betreffende de verlenging van ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van zijn minderjarige kinderen, alsmede verzoeken tot wijziging van het ouderlijk gezag.
Het wrakingsverzoek bevat diverse klachten, zoals fouten op het voorblad van de rechtbank, onjuiste informatie, vermeende nalatigheid van de rechtbank, en bezwaren tegen de aanwezigheid van de moeder bij de zitting. Verzoeker stelt ook dat de kinderen niet als kwetsbaar moeten worden gezien en uit kritiek op de rapportage en de werkwijze van betrokken instanties.
De wrakingskamer beoordeelt dat geen van de genoemde gronden zich concreet richt tegen een handelen of nalaten van de rechters en dat verzoeker niet heeft toegelicht waarom deze gronden bij hem de objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid hebben kunnen wekken. Het verzoek wordt daarom kennelijk ongegrond verklaard conform het Wrakingsprotocol van de rechtbank Rotterdam.
De beslissing is genomen door de meervoudige wrakingskamer en in het openbaar uitgesproken op 19 maart 2025. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechters wordt kennelijk ongegrond verklaard.