ECLI:NL:RBROT:2025:15158
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag maatwerkvoorziening maatschappelijke opvang op grond van de Wmo
Deze uitspraak betreft de afwijzing van de aanvraag van verzoekster om een maatwerkvoorziening op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), specifiek voor toelating tot de maatschappelijke opvang. Het college heeft de aanvraag afgewezen omdat het van mening is dat verzoekster voldoende zelfredzaam is. Verzoekster, die in oktober 2025 met haar zoon naar Nederland is gekomen, heeft zich op 30 oktober 2025 bij het college gemeld voor maatschappelijke opvang, nadat zij en haar zoon tijdelijk bij een neef in Rotterdam hadden gewoond. Het college heeft vastgesteld dat verzoekster in staat is om met gebruikelijke voorzieningen en hulp vanuit haar sociale netwerk zelf in haar huisvesting te voorzien. Verzoekster is het hier niet mee eens en vraagt om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 8 december 2025 behandeld en komt tot de conclusie dat er geen spoedeisend belang is voor maatschappelijke opvang, omdat verzoekster zelfredzaam is en de verantwoordelijkheid voor haar huisvesting zelf moet regelen. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af, wat betekent dat het college verzoekster niet tot de maatschappelijke opvang hoeft toe te laten. Er is geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskosten.