Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
uitspraak van de meervoudige kamer van 22 december 2025 in de zaak tussen
Solgar Vitamins (Holland) B.V., uit Heiloo, eiseres
Samenvatting
.Eiseres krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Procesverloop
Totstandkoming van het besluit
Beoordeling door de rechtbank
European Food Safety Authority, EFSA) van 27 juli 2012 (hierna: het EFSA-advies van 2012). [1] Hierin staat – kort samengevat – dat de UL’s voor volwassenen, inclusief zwangere en zogende vrouwen, kinderen en adolescenten zijn herzien. Voor volwassenen werd hypercalciëmie gekozen als de indicator van toxiciteit. In twee studies bij mannen werden innamen tussen 234 en 275 µg/dag niet geassocieerd met hypercalciëmie, en werd een niveau waarbij geen nadelig effect werd waargenomen (
No Observed Adverse Effect Level, NOAEL) van 250 µg/dag vastgesteld. Rekening houdend met de onzekerheden die verbonden zijn aan deze studies, werd de
Tolerable Upper Intake Level(UL) voor volwassenen, inclusief zwangere en zogende vrouwen, door EFSA vastgesteld op 100 µg/dag.
Lowest Observed Adverse Effect Level, LOAEL) van 250 μg/dag wordt geïdentificeerd uit twee gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken bij mensen, waarop een onzekerheidsfactor van 2,5 wordt toegepast vanwege de afwezigheid van een NOAEL. In het advies wordt een UL van 100 μg vitamine D equivalent (VDE)/dag vastgesteld voor volwassenen (inclusief zwangere en zogende vrouwen).
References” (ten opzichte van acht pagina’s in 2012), waarin op alfabetische volgorde van de auteurs alle door EFSA betrokken artikelen zijn opgesomd. De EFSA en het RIVM hebben hun risicobeoordelingen gemaakt op basis van algemeen aanvaarde wetenschappelijke gegevens, waarbij rekening is gehouden met de variërende mate van gevoeligheid van verschillende groepen consumenten en de inname van vitaminen en mineralen uit andere voedingsbronnen, zoals artikel 5, eerste lid, van Richtlijn 2002/46 voorschrijft. Dit volgt uit hoofdstuk 2 “
Data and methodologies” (2023) en hoofdstuk 3 “
Hazard identification” (2012).
Noria-arrest van 27 april 2017, zoals eiseres heeft gesteld, doet zich dus niet voor. Verder heeft de rechtbank geen aanknopingspunt gevonden voor de juistheid van de stelling van eiseres, dat verweerder een gedetailleerde(re) analyse had moeten (laten) uitvoeren. Gelet op het voorgaande volgt de rechtbank eiseres niet in haar standpunt dat verweerder het Europeesrechtelijk kader onjuist heeft toegepast.
risicovoor de volksgezondheid, omdat daarmee automatisch de UL van 100 µg wordt overschreden. De enkele stelling van eiseres, dat het product in Nederland al meer dan 10 jaar zonder enige problemen of bijwerkingen bij consumenten wordt verkocht, betekent niet dat verweerder dit risico ten onrechte aanneemt. Het is ook niet nodig dat dit risico zich (heeft) verwezenlijkt; het Hof vereist dat niet en overweegt alleen dat de beoordeling van het risico voor gezondheid van personen niet gebaseerd mag zijn op zuiver hypothetische overwegingen. [16] Van dat laatste is naar het oordeel van de rechtbank geen sprake gelet op de adviezen van de EFSA en het RIVM. Deze deskundigenadviezen zijn zorgvuldig tot stand gekomen en inhoudelijk inzichtelijk en concludent.
veiligmoet zijn - een onjuist criterium toepast. De rechtbank verwijst kortheidshalve naar overwegingen (5), (13) en (14) van de considerans van Richtlijn 2002/46 en artikel 5 van Pro die richtlijn. De rechtbank volgt eiseres dus niet in haar standpunt dat als criterium heeft te gelden dat het supplement
niet onveiligmoet zijn.