Eiser ontving kinderbijslag op grond van de Algemene Kinderbijslagwet (Akw) en verhuisde met zijn gezin naar België, terwijl hij in Nederland bleef werken. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) herzag het recht op kinderbijslag omdat de kinderen volgens haar in bepaalde periodes in Marokko verbleven en eiser niet voldeed aan de onderhoudseis.
De rechtbank stelde vast dat de kinderen van 29 juli 2020 tot en met 27 maart 2022 in België verbleven, wat door vluchtgegevens, paspoortstempels en schoolattesten werd onderbouwd. Hierdoor had de SVB aanleiding moeten hebben om aan te nemen dat de kinderen niet uitwonend waren in Marokko in die periode.
De rechtbank oordeelt dat het bestreden besluit in strijd is met de Algemene wet bestuursrecht en vernietigt het besluit voor de genoemde periode. De SVB wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen binnen zes weken na het verstrijken van de beroepstermijn. Tevens moet de SVB het griffierecht en proceskosten aan eiser vergoeden.