De heer verzoeker bevindt zich in een problematische schuldensituatie en heeft een verzoek ingediend tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp) met een eerdere ingangsdatum dan de datum van het vonnis. De rechtbank heeft dit verzoek behandeld op 24 november 2025, waarbij ook de beschermingsbewindvoerder aanwezig was.
De rechtbank beoordeelt dat verzoeker voldoet aan de voorwaarden voor toelating tot de Wsnp, waaronder het zich in problematische schulden bevinden, te goeder trouw zijn bij het ontstaan van de schulden en de verwachting dat hij aan de verplichtingen van de regeling zal voldoen. De rechtbank is bevoegd de procedure te behandelen omdat het centrum van voornaamste belangen van verzoeker in Nederland ligt.
De rechtbank stelt de looptijd van de Wsnp vast op achttien maanden en bepaalt de ingangsdatum op 7 januari 2025, de datum waarop de schuldregelingsovereenkomst is afgesloten. Dit omdat verzoeker gedurende het voorafgaande schuldhulpverleningstraject aan de inspanningsverplichtingen heeft voldaan, ondanks dat door beslaglegging op zijn inkomen niet gespaard kon worden voor gezamenlijke schuldeisers.
Er wordt een bewindvoerder benoemd die toezicht houdt op de naleving van de verplichtingen tijdens de Wsnp en de boedel beheert. Tevens wordt een rechter-commissaris benoemd die toezicht houdt op de bewindvoerder. Indien verzoeker zich aan alle verplichtingen houdt, eindigt het traject met een schone lei, waardoor schuldeisers hun vorderingen niet meer kunnen verhalen.
De uitspraak is openbaar gedaan op 3 december 2025 door rechter J.T.P. Pot in samenwerking met griffier S.R.L.T. Peek. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen na uitspraak.