ECLI:NL:RBROT:2024:3533
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens grote hoeveelheid harddrugs
De burgemeester heeft de woning van verzoekster gesloten voor drie maanden vanwege de vondst van ruim 25 kilo harddrugs en contant geld, wat een overtreding van de Opiumwet vormt. Verzoekster, die samen met haar minderjarige broer in de woning woont, heeft bezwaar gemaakt en verzocht om een voorlopige voorziening om in de woning te kunnen blijven.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er sprake is van een spoedeisend belang, omdat zonder voorlopige voorziening verzoekster en haar broer drie maanden geen toegang tot hun woning zouden hebben. Hoewel de burgemeester bevoegd was tot sluiting gezien de hoeveelheid drugs, is de evenwichtigheid van de maatregel onderzocht, waarbij onder meer de psychische kwetsbaarheid van de bewoners, hun binding met de woning, en het ontbreken van vervangende opvang in de regio zijn meegewogen.
De burgemeester kon niet aantonen dat er passende opvang in de regio beschikbaar was, terwijl verzoekster haar baan wil behouden en haar broer eindexamen doet. De voorzieningenrechter vindt dit zwaarwegend en schorst het besluit tot twee weken na de beslissing op bezwaar. Tevens wordt de burgemeester veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan verzoekster.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en het besluit tot woningsluiting geschorst tot twee weken na bezwaarbeslissing.