Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 8 maart 2024 in de zaak tussen
[naam eiser], uit [plaatsnaam], eiser
Inleiding
Totstandkoming en inhoud van de besluiten
Beoordeling door de rechtbank
.Daarmee is sprake van persoonlijke beleidsopvattingen. De minister heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat deze persoonlijke beleidsopvattingen bestemd zijn voor intern beraad. De minister heeft dit voldoende gemotiveerd, waardoor op correcte wijze toepassing is gegeven aan deze uitzonderingsgrond. De rechtbank wijst er in dit verband op dat artikel 11, eerste lid, van de Wob, geen ruimte laat voor een belangenafweging. Zie onder meer de uitspraak van de Afdeling van 4 augustus 2021 (ECLI:NL:RVS:2021:1734).
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit, maar uitsluitend voor zover betrekking hebbend op de documenten 105, 113 en 114 en bepaalt dat de minister binnen zes weken na de verzending van deze uitspraak ten aanzien van deze documenten een nieuw besluit dient te nemen;
- bepaalt dat de minister het griffierecht van € 181,- aan eiser moet vergoeden.