Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 september 2023 in de zaak tussen
[naam eiseres], uit [plaatsnaam], eiseres
de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, de minister
Inleiding
Totstandkoming van het besluit
Bevinding(en):
Rechtbank Rotterdam
De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit legde eiseres een bestuurlijke boete van €1.500 op wegens het niet nemen van passende maatregelen na constatering van ernstige voetzoollaesies bij vleeskuikens op haar bedrijf. Deze overtreding werd vastgesteld door een NVWA-dierenarts tijdens een post mortem-keuring in februari 2020, waarbij 52% van de onderzochte poten ernstige laesies vertoonde. Eiseres betwistte de wijze van telling en de deskundigheid van de toezichthouder, maar de rechtbank oordeelde dat de minister terecht uitging van het rapport van bevindingen en dat de overtreding voldoende was vastgesteld.
Eiseres voerde aan dat de boete onterecht was vanwege overschrijding van de termijn van dertien weken voor oplegging van de boete, maar de rechtbank stelde dat deze termijn een termijn van orde is en overschrijding niet leidt tot verval van de bevoegdheid. Ook was niet gebleken dat eiseres daardoor in haar belangen was geschaad. De hoogte van de boete werd als evenredig beoordeeld gezien de ernst van de overtreding en de wettelijke bepalingen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde het boetebesluit. Eiseres kreeg geen terugbetaling van griffierecht of vergoeding van proceskosten. De uitspraak werd gedaan door rechter J. Fransen op 15 september 2023.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete van €1.500 wegens onvoldoende verbetering van het dierenwelzijn wordt ongegrond verklaard.