ECLI:NL:RBROT:2023:11068
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek vader om als belanghebbende te worden aangemerkt bij verlenging ondertoezichtstelling kind
De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond verzoekt de rechtbank om de ondertoezichtstelling van [kind01] te verlengen met zes maanden. De vader, die sinds april 2023 het ouderlijk gezag over het kind is kwijtgeraakt en momenteel gedetineerd is, verzoekt om als belanghebbende te worden aangemerkt in deze procedure. Hij stelt dat het besluit ook zijn rechten raakt en dat het in strijd is met artikel 8 EVRM Pro om hem volledig buiten de procedure te houden.
De moeder, het Landelijk Expertise Team Jeugdbescherming en de moeder sluiten zich aan bij het verweer dat het belang van het kind en de moeder niet gediend is met erkenning van de vader als belanghebbende, mede vanwege zijn detentie en het ontbreken van contact met het kind. De bijzondere curatoren vinden dat de vader wel als belanghebbende moet worden aangemerkt, omdat hij de vader blijft en op termijn vragen kan hebben.
De kinderrechter overweegt dat het begrip belanghebbende strikt moet worden uitgelegd en dat de vader sinds april 2023 geen ouderlijk gezag meer heeft. De ondertoezichtstelling raakt daarom niet rechtstreeks zijn rechten of verplichtingen. Ook is er geen sprake van family life zoals bedoeld in artikel 8 EVRM Pro omdat de vader geen contact heeft met het kind. Daarom wordt het verzoek van de vader afgewezen.
De beschikking is mondeling gegeven op 28 september 2023 en schriftelijk vastgesteld op 19 oktober 2023. Tegen deze beslissing kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Den Haag.
Uitkomst: Het verzoek van de vader om als belanghebbende te worden aangemerkt wordt afgewezen.