ECLI:NL:RBROT:2022:8582

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
11 oktober 2022
Publicatiedatum
17 oktober 2022
Zaaknummer
10135699 / VZ VERZ 22-12597
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 69 RvArt. 143 Rv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wisselbeschikking: procedure voortzetten als dagvaardingsprocedure voor terugbetaling borg

Verzoekster heeft een verzoekschrift ingediend waarin zij vordert dat verweerder de borgsom van €1.800,00 terugbetaalt die zij betaalde voor een gehuurd appartement. De kantonrechter stelt vast dat dit soort vordering volgens artikel 143 Rv Pro via dagvaarding moet worden ingesteld.

Daarom wordt de procedure omgezet van een verzoekschriftprocedure naar een dagvaardingsprocedure. Verzoekster krijgt de gelegenheid om haar stellingen aan te passen aan de regels van de dagvaardingsprocedure en moet verweerder bij exploot oproepen, waarbij het verzoekschrift en de beschikking worden betekend.

De kantonrechter wijst erop dat de oproeping uiterlijk de dag vóór de rolzitting op 29 december 2022 om 14:30 uur op de griffie moet zijn ingediend, anders zal het verzoek niet-ontvankelijk worden verklaard. Tevens wordt benadrukt dat de procedure in het Nederlands moet worden gevoerd.

De beschikking is gegeven door mr. W.J.J. Wetzels en in het openbaar uitgesproken. Verdere beslissingen worden aangehouden.

Uitkomst: Procedure wordt omgezet naar dagvaardingsprocedure; verzoekster moet verweerder bij exploot oproepen voor rolzitting op 29 december 2022.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 10135699 / VZ VERZ 22-12597
datum uitspraak: 11 oktober 2022
Beschikking van de kantonrechter
in de zaak van
[verzoekster],
wonende in [woonplaats verzoekster ],
verzoekster,
die zelf procedeert,
tegen
[verweerder],
wonende in [woonplaats verweerder],
verweerder.
De partijen worden hierna ‘[verzoekster]’ en ‘[verweerder]’ genoemd.

1..Het verloop van de procedure

1.1.
Op 28 september 2022 is op de griffie van deze rechtbank een op 19 augustus 2022 gedateerd verzoekschrift van [verzoekster] ontvangen.

2..Het verzoek en de beoordeling daarvan

2.1.
Vooropgesteld wordt dat de kantonrechter op grond van artikel 69 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: ‘Rv’) verplicht is om - ook zonder een daartoe strekkend verweer - te onderzoeken of de procedure met het juiste procesinleidend stuk aanhangig is gemaakt. Als de kantonrechter vervolgens constateert dat de zaak op het verkeerde ‘spoor’ zit, moet hij de wissel omzetten en er zorg voor dragen dat de procedure wordt doorgeleid naar het juiste spoor.
2.2.
De inhoud van het verzoekschrift van [verzoekster] komt er - kort samengevat - op neer, dat zij vordert dat [verweerder] de door haar betaalde borg à € 1.800,00 van een door [verzoekster] van [verweerder] gehuurd appartement aan haar terugbetaalt. De kantonrechter is van oordeel dat [verzoekster] dit ingevolge het bepaalde in artikel 143 Rv Pro bij exploot van dagvaarding had moeten vorderen.
2.3.
[verzoekster] heeft dan ook een verkeerd inleidend processtuk gebruikt. De procedure zal - gelet op het bepaalde in artikel 69 Rv Pro - worden voortgezet als een dagvaardingprocedure en [verzoekster] zal [verweerder] alsnog bij exploot moeten oproepen. Bij die oproeping moet [verzoekster] een kopie van het bij de kantonrechter ingediende verzoekschrift van 19 augustus 2022 en deze beschikking aan [verweerder] laten meebetekenen.
2.4.
[verzoekster] wordt erop gewezen dat het verzoek niet-ontvankelijk zal worden verklaard, wanneer het uit te brengen exploot van oproeping niet uiterlijk op de dag vóór de hieronder vermelde rolzitting op de griffie is ingediend. Daarnaast wijst de kantonrechter [verzoekster] er, wellicht ten overvloede, op dat in de Nederlandse taal wordt geprocedeerd en dat de dagvaarding daarom ook in de Nederlandse taal moet zijn opgesteld.

3..De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
beveelt dat de procedure in de stand waarin deze zich bevindt zal worden voortgezet volgens de regels die gelden voor de dagvaardingsprocedure;
3.2.
stelt [verzoekster] daarbij in de gelegenheid om haar stellingen zo nodig aan de op de dagvaardingsprocedure toepasselijke procesregels aan te passen;
3.3.
bepaalt dat de zaak op de rolzitting van
donderdag 29 december 2022 om 14:30 uurzal komen;
3.4.
beveelt dat [verzoekster] [verweerder] tegen de hiervoor genoemde dag en tijd - met inachtneming van de wettelijke termijnen - bij exploot zal oproepen, onder betekening van deze beschikking en het verzoekschrift van 19 augustus 2022;
3.5.
bepaalt dat het door [verzoekster] te nemen processtuk uiterlijk op de dag voor de hiervoor genoemde rolzitting om 12:00 uur op de griffie moet zijn ontvangen;
3.6.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. W.J.J. Wetzels en in het openbaar uitgesproken.
38671