Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
H.O.D.N. [naam bedrijf],
1..De procedure
- de dagvaarding van 16 februari 2022;
- de 25 producties van [eiseres] ;
- de 3 producties van [gedaagde] ;
- de mondelinge behandeling op 4 maart 2022;
- de pleitnota van [eiseres] ;
- de pleitnota van [gedaagde] .
2..De feiten
3..Het geschil
4..De beoordeling
Auping / Beverslaap) is geoordeeld dat de concrete omstandigheden – een handelsrelatie van 8,5 jaar en een distributeur die voor zijn omzet sterk afhankelijk was van die relatie – niet voldoende waren om te rechtvaardigen dat voor de opzegging een zwaarwegende grond moest worden gegeven. Gelet op die maatstaf, hoefde ARVA Spices naar voorlopig oordeel geen zwaarwegende grond aan haar opzegging ten grondslag te leggen. Ten tijde van de opzegging was sprake van een handelsrelatie van slechts 3,5 jaar. Dat [gedaagde] forse investeringen heeft gepleegd ten behoeve van de distributieovereenkomst, heeft zij niet onderbouwd of geconcretiseerd en ligt, zonder nadere toelichting over de achtergrond daarvan (die ontbreekt), in haar risicosfeer.
€ 6.000,00