Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- het verzoekschrift met bijlagen van de man, ingekomen op 12 maart 2019;
- het verweerschrift tevens zelfstandig verzoek met bijlagen, ingekomen op
- het verweerschrift op het zelfstandig verzoek;
- de brieven met bijlagen van de zijde van de vrouw van 5 december 2019 en
- de man, bijgestaan door zijn advocaat mr. Durdu;
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat mr. Van Dijk;
- de raad voor de kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht (hierna: de raad), ter zitting vertegenwoordigd door [naam vertegenwoordiger] .
2.De vaststaande feiten
3.De beoordeling
€ 135,-+
4.De beslissing
- de minderjarigen verblijven iedere maandag en donderdag, alsmede in de oneven weken van vrijdag uit school tot maandag bij de man en de overige dagen van de reguliere weken bij de vrouw;
- de minderjarigen verblijven iedere voorjaarsvakantie bij de man;
- de minderjarigen verblijven iedere herfstvakantie bij de vrouw;
- de minderjarigen verblijven de eerste helft van de overige schoolvakanties in 2019/2020 bij de vrouw;
- de minderjarigen verblijven de tweede helft van de overige schoolvakanties in 2019/2020 bij de man;
- de minderjarigen verblijven de eerste helft van de overige schoolvakanties in 2020/2021 bij de man;
- de minderjarigen verblijven de tweede helft van de overige schoolvakanties in 2020/2021 bij de vrouw; enzovoorts;
- de minderjarigen verblijven de tweede Kerstdag bij de ouder waarbij zij in die vakantieweek niet zijn, waarbij op de Kerstdagen een overnachting plaatsvindt en het wisselmoment op tweede Kerstdag rond 12:00 uur zal zijn;
- de minderjarigen verblijven op Vaderdag bij de man;
- de minderjarigen verblijven op Moederdag bij de vrouw;