ECLI:NL:RBROT:2020:4738
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding wegens onvrijwillig verblijf zonder wettelijke titel onder Wzd
Verzoekster verbleef van 18 maart tot en met 17 april 2020 zonder rechterlijke machtiging bij de zorgaanbieder, in de overgangsperiode van de Wet Bopz naar de Wet zorg en dwang (Wzd). De rechtbank stelde vast dat de zorgaanbieder de wet niet in acht had genomen door het ontbreken van een geldige machtiging en het onvrijwillige karakter van het verblijf.
Verzoekster vorderde een schadevergoeding van €75 per dag wegens onrechtmatig verblijf en immateriële schade door angst en onzekerheid. De zorgaanbieder erkende fouten in de procedure en het ontbreken van een gesprek over de verblijfsstatus, maar handelde niet te kwader trouw.
De rechtbank oordeelde dat de schadevergoeding naar billijkheid moest worden vastgesteld en hield rekening met de ernst van de situatie, het ontbreken van separatie en het vrijwillig blijven na de machtigingsafwijzing. De vergoeding werd vastgesteld op €50 per dag, totaal €1.550. De zorgaanbieder werd veroordeeld tot betaling van deze schadevergoeding, met ieder partij draagt eigen proceskosten.
Uitkomst: De zorgaanbieder wordt veroordeeld tot betaling van €1.550 schadevergoeding wegens onvrijwillig verblijf zonder geldige machtiging.