De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond om een machtiging voor gesloten jeugdhulp te verlenen aan een jeugdige die onder toezicht is gesteld. De jeugdige verblijft in een gesloten jeugdhulpinstelling vanwege ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen die zijn ontwikkeling belemmeren.
Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, zijn de jeugdige, zijn moeder en vertegenwoordigers van de gecertificeerde instelling gehoord. De jeugdige toont motivatie en verbetering in gedrag, maar kampt nog met emotieregulatieproblemen en onvoldoende zelfinzicht. De hulpverlening is nog niet volledig op elkaar afgestemd en verlof is nog niet gestart.
De kinderrechter oordeelt dat gesloten jeugdhulp noodzakelijk is om te voorkomen dat de jeugdige zich aan de hulpverlening onttrekt en om zijn behandeling voort te zetten. De machtiging wordt verleend voor de duur van de ondertoezichtstelling, tot 11 juli 2020, met het oog op voortzetting van behandeling, begeleiding, en het opbouwen van verlofmomenten, evenals hulpverlening in de thuissituatie en het regelen van school en dagbesteding.
De beschikking is mondeling gegeven en schriftelijk vastgesteld, met mogelijkheid tot hoger beroep binnen drie maanden.