Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
- het op 12 februari 2019 ter griffie ontvangen verzoekschrift, met producties;
- het verweerschrift, met bijlage;
Rechtbank Rotterdam
In deze zaak stond het ontslag op staande voet centraal dat een zorgverlener ontving van haar werkgever, een cliënt die afhankelijk is van zorg. De zorgverlener was op 13 december 2018 niet komen werken vanwege problemen met haar auto en weigerde met het openbaar vervoer te reizen, wat leidde tot het ontslag.
De kantonrechter oordeelde dat het ontslag rechtsgeldig was omdat de werknemer haar belangrijkste verplichting had verzaakt: het daadwerkelijk verschijnen op het werk of het regelen van vervanging. De persoonlijke omstandigheden van de werknemer, zoals financiële problemen en de zorg voor haar hond, werden meegewogen maar vielen binnen haar risicosfeer.
De bijzondere aard van de zorgovereenkomst, waarbij de werkgever volledig afhankelijk is van de werknemer, versterkte de noodzaak van strikte naleving van de verplichtingen. De kantonrechter verwierp het argument dat een waarschuwing vooraf noodzakelijk was en benadrukte het vertrouwen dat vereist is in deze arbeidsrelatie. De verzoeken van de werknemer tot billijke vergoeding en onregelmatige opzegging werden afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is rechtsgeldig verklaard en de verzoeken van de werknemer worden afgewezen.