Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- vrijspraak van feit 1 primair;
- bewezenverklaring van de feiten 1 subsidiair, 2 primair, 3 en 4;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 92 dagen met aftrek van voorarrest, waarvan 46 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaar en als bijzondere voorwaarden een meldplicht bij de reclassering, een ambulante behandelverplichting, een contactverbod en een locatieverbod, en de dadelijke uitvoerbaarheid van de bijzondere voorwaarden alsmede oplegging van een werkstraf voor de duur van 180 uren, subsidiair 90 dagen vervangende hechtenis.
4.De verdediging
5.Waardering van het bewijs
letsel mond. Witte puntjes zijn de zichtbare klieren’. Bij het klinische onderzoek in het ziekenhuis heeft de dienstdoende specialist vastgesteld dat er sprake was van: ‘
laceratie (weefselverscheuring) mondbodem links ongeveer 1 cm, niet bloederig’. Vervolgens heeft de kaakchirurg als diagnose gesteld ‘
contusie mandibula’ (kneuzing onderkaak) en ‘laceratie (weefselverscheuring) mondbodem’. De forensisch arts heeft vastgesteld dat er sprake was van een verwonding van +/- 1 cm onder de tong ter plaatse van de mondbodem.
6.Strafbaarheid feiten
7.Strafbaarheid verdachte
8.Motivering straf
9.Vordering benadeelde partij / schadevergoedingsmaatregel
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Bijlagen
12.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 100 (honderd) dagen;
groot 53 (drieënvijftig) dagen niet ten uitvoerzal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
proeftijd, die wordt gesteld op
3 (drie) jaar;
- de veroordeelde zal ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verlenen aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbieden;
- de veroordeelde zal medewerking verlenen aan reclasseringstoezicht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;
dadelijk uitvoerbaar zijn;
180 (honderdtachtig) uren, waarbij de Reclassering Nederland dient te bepalen uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan;
90 (negentig) dagen;
€ 3.658,17 (drieduizend zeshonderdachtenvijftig euro en zeventien eurocent), bestaande uit € 158,17 aan materiële schade en € 3.500,00 aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 5 juli 2018 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [naam benadeelde] te betalen
46 (zesenveertig) dagen;toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op.