Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- vrijspraak van het impliciet primair ten laste gelegde (poging tot doodslag);
- bewezenverklaring van het impliciet subsidiair ten laste gelegde (poging tot zware mishandeling);
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden met aftrek van voorarrest.
4.Waardering van het bewijs
5.Strafbaarheid feit
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.Vordering benadeelde partij/ schadevergoedingsmaatregel
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 9 (negen) maanden;
€ 1.471,-, (zegge: duizendvierhonderdeenenzeventig euro), bestaande uit € 471,- aan materiële schade en € 1.000,- aan immateriële schade;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij te betalen
€ 1.471,-, (hoofdsom,
zegge: tweeduizend vierhonderdeenenzeventig euro); beveelt dat bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal van het bedrag van € 1.471,- vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van
24 dagen; toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op;