Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 22 november 2016, met producties 1 t/m 12,
- de conclusie van antwoord, tevens houdende, conclusie van eis in reconventie, met producties 1 t/m 14,
- de oproepbrieven van de rechtbank van 12 april 2017, waarin een comparitie is bepaald,
- de zittingsagenda van de rechtbank van 19 april 2017,
- de conclusie van antwoord in reconventie, met productie 13,
- de brief van de Bewonersvereniging van 8 juni 2017,
- het proces-verbaal van comparitie, gehouden op 15 juni 2017, met aangehechte (spreek)aantekeningen van de Bewonersvereniging, en
- de B16-formulieren van partijen van 5 september 2017, waarin zij de rechtbank hebben verzocht vonnis te wijzen.
2.De feiten
in aanmerking te nemen:
niettot verlenging als in lid 3 van dit artikel bedoeld, kunnen besluiten indien op het moment van beoordeling als in het vorige lid bedoeld:
- indien De Teil het bepaalde in deze overeenkomst of daaruit voortvloeiende of daarmee verband houdende verplichtingen niet nakomt;
- zodra minder dan 21 bewoners lid zijn van De Vereniging, waarbij geldt dat per woning slechts één bewoner van De Vereniging lid kan zijn.”
- de vereniging zich moet realiseren dat zij voor eigen rekening en risico investeert in een pand dat “nog” in eigendom is van de gemeente;
- de status van het pand zal wijzigen van “sloop (en herontwikkeling)” naar “instandhouding/behoud”;
- de grondslag voor de huidige constructie van zelfbeheer komt te vervallen;
- de gemeente zal de komende periode naar oplossingen zoeken die recht doen aan de nieuw ontstane situatie.
3.Het geschil
in conventie
€ 68,00 in geval van betekening.