ECLI:NL:RBROT:2017:5517
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vervangende toestemming voor vakantie in Turkije ondanks veiligheidszorgen moeder
De rechtbank Rotterdam behandelde een verzoek van de vader om vervangende toestemming te verkrijgen voor een vakantie met de minderjarige kinderen naar Turkije van 8 tot en met 30 juli 2017. De moeder had haar toestemming geweigerd uit vrees voor de veiligheid van de kinderen vanwege haar eerdere betrokkenheid bij een organisatie die banden heeft met de Gülen-beweging. Zij vreesde onder meer dat zijzelf en haar partner op een zwarte lijst zouden staan en dat de kinderen in Turkije mogelijk zouden worden vastgehouden.
De vader betwistte deze risico’s en stelde dat de link met de organisatie te ver verwijderd was om risico’s voor hem en de kinderen te vormen. Hij bracht aan dat de situatie in Turkije rustiger was dan het jaar ervoor en dat familie ter plaatse de kinderen zou kunnen opvangen bij calamiteiten. De Raad voor de Kinderbescherming en Jeugdbescherming gaven ter zitting een toelichting en benadrukten de complexe scheiding van partijen.
De rechtbank oordeelde dat de moeder haar stellingen onvoldoende had onderbouwd met concrete feiten of aanwijzingen. Er was geen bewijs dat zij of de kinderen op een zwarte lijst stonden of dat een melding via een kliklijn tot een reëel risico zou leiden. Ook de algemene dreiging van terreur in Ankara werd niet als voldoende reden gezien om de reis te weigeren, mede omdat er geen negatief reisadvies gold voor het gebied.
De rechtbank verleende daarom de vervangende toestemming onder de voorwaarde dat er geen negatief reisadvies geldt gedurende de reisperiode. De proceskosten werden ieder voor eigen rekening bepaald. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: De rechtbank verleent vader vervangende toestemming voor de vakantie met de kinderen naar Turkije onder voorwaarde van geen negatief reisadvies.