ECLI:NL:RBROT:2017:3775
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toepassing Besluit Conversie WW bij herleven oud recht en vaststellen nieuw recht
Eiseres had verschillende dienstverbanden en werd geconfronteerd met beëindiging van een WW-uitkering vanwege een nieuwe arbeidsovereenkomst. Na het indienen van een aanvraag voor herleving van haar oude WW-recht en het verkrijgen van een nieuwe WW-uitkering, stelde eiseres dat haar aanvraag slechts betrekking had op het herleven van het oude recht en dat het nieuwe recht niet geldig was gemaakt.
De rechtbank stelde vast dat het recht op WW-uitkering van rechtswege ontstaat, zonder dat een aanvraag vereist is, en dat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat zij op 17 augustus 2015 niet beschikbaar was voor arbeid. De rechtbank verwierp de stelling dat de uitbetaling van vakantie-uren in week 34 zou betekenen dat zij niet beschikbaar was.
Verder oordeelde de rechtbank dat de hardheidsclausule niet van toepassing was omdat het financiële nadeel voor eiseres gering was. Ook het betoog dat het bestreden besluit in strijd was met het motiveringsbeginsel werd verworpen. Het beroep van eiseres werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het bestreden besluit wordt ongegrond verklaard.