ECLI:NL:RBROT:2016:7347
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag politiefunctionaris wegens plichtsverzuim niet evenredig door verminderde toerekenbaarheid
Eiser, werkzaam bij de politie sinds 2002, kreeg op 28 november 2014 onvoorwaardelijk disciplinair ontslag wegens ernstig plichtsverzuim, waaronder ongeoorloofde afwezigheid en het bewust verstrekken van onjuiste informatie.
Psychiatrisch onderzoek toonde aan dat eiser leed aan posttraumatische stressstoornis (PTSS) en een depressieve stoornis, met een verminderde mate van toerekenbaarheid van zijn gedragingen. De rechtbank volgde het rapport van psychiater [psychiater 1], die concludeerde dat eiser wel de ontoelaatbaarheid van zijn gedrag inzag, maar door zijn stoornissen niet overeenkomstig dat inzicht kon handelen.
De rechtbank oordeelde dat het opgelegde ontslag niet evenredig was gezien de verminderde toerekenbaarheid en de lange periode van goed functioneren voorafgaand aan de incidenten. Het beroep werd gegrond verklaard, het ontslagbesluit vernietigd en het bezwaar gegrond verklaard. Partijen werd opgedragen samen een passende oplossing voor de afwikkeling van het dienstverband te vinden.
Uitkomst: Het disciplinair ontslag wordt vernietigd wegens verminderde toerekenbaarheid en onverenigbaarheid met de ernst van het plichtsverzuim.