ECLI:NL:RBROT:2016:4296
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging tussentijdse schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming verplichtingen
De rechtbank Rotterdam heeft op 26 april 2016 uitspraak gedaan over de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling (WSNP) van twee schuldenaren. De rechter-commissaris had voorgedragen tot beëindiging omdat schuldenaren niet aan hun informatieverplichtingen voldeden en onvoldoende sollicitatie-inspanningen toonden. Tevens waren er nieuwe schulden ontstaan en werden betalingen gedaan op schulden die voor de WSNP bestonden.
Tijdens de zitting bleek dat schuldenaren hun verplichtingen niet nakwamen, ondanks herhaalde waarschuwingen en de aanstelling van een beschermingsbewindvoerder. Schuldenaren erkenden het niet nakomen van informatie- en sollicitatieverplichtingen, en de beschermingsbewindvoerder bevestigde dat de situatie ongewijzigd was. Schuldenaren hadden een betalingsachterstand in hypotheeklasten en nieuwe schulden, terwijl het inkomen onvoldoende was om deze af te lossen.
De rechtbank oordeelde dat schuldenaren toerekenbaar tekort waren geschoten in hun verplichtingen en dat de schuldsaneringsregeling daarom tussentijds moest worden beëindigd op grond van artikel 350 lid 3 sub Pro c, d en e Faillissementswet. Het salaris van de bewindvoerder werd vastgesteld op maximaal €2.951,84. Er waren geen baten om schuldeisers te voldoen, zodat geen sprake was van faillissement van rechtswege.
De uitspraak is in het openbaar gedaan door rechter R. Kruisdijk. Tegen deze beslissing staat hoger beroep open binnen acht dagen na uitspraak, uitsluitend door een advocaat in te dienen bij het gerechtshof.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming van verplichtingen en stelt het salaris van de bewindvoerder vast.