Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift, met producties;
- de brief d.d. 17 maart 2016 van de gemachtigde van [verzoekster];
- het verweerschrift, met producties;
- de brief d.d. 3 mei 2016 van de gemachtigde van [verzoekster], met productie.
2.De vaststaande feiten
- dat de aanspraken van [verzoekster] op vergoeding van de door haar als gevolg van het ongeval geleden en in de toekomst nog te lijden materiële en immateriële schade worden vastgesteld op € 40.000,-,
- dat ASR, rekening houdend met het door haar reeds betaalde voorschot ad € 5.000,-, een slotuitkering ad € 35.000,- aan [verzoekster] zal doen, en
- dat [verzoekster] aan ASR hiertegenover finale kwijting zal verlenen ter zake van alle aanspraken op vergoeding van door haar als gevolg van het ongeval geleden en in de toekomst nog te lijden materiële en immateriële schade, zij het met uitdrukkelijke uitzondering van de gemaakte en/of te maken buitengerechtelijke kosten ter zake van de persoonlijke schade van [verzoekster] waaronder ook begrepen de kosten ter voldoening van haar vordering van buitengerechtelijke kosten.