ECLI:NL:RBROT:2016:309
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen AOW-pensioen ingangsdatum en opbouwperiode
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Sociale verzekeringsbank over de ingangsdatum van zijn AOW-pensioen en de opbouwperiode daarvan, vanwege een latere aanvang van het pensioen als gevolg van wijzigingen in de AOW per 1 juli 2012.
De rechtbank oordeelt dat de vermelding van de ingangsdatum van het AOW-pensioen in het pensioenoverzicht geen besluit is in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, omdat deze mededeling informatief is en geen rechtsgevolg beoogt. Het bezwaar daartegen is daarom niet-ontvankelijk verklaard.
De vermelding van de aanvangsdatum van de pensioenopbouw in het overzicht vormt wel een besluit, maar eiser heeft niet gesteld of bewezen dat hij de opbouwperiode niet kan volmaken en daardoor geen volledig AOW-pensioen zal ontvangen. Er is daarom geen sprake van eigendomsontneming.
Het financiële nadeel door de latere ingangsdatum van het pensioen kan pas aan de orde komen bij daadwerkelijke aanvraag en toekenning van het AOW-pensioen.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit over de AOW-pensioen ingangsdatum en opbouwperiode wordt ongegrond verklaard.