Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de tussenbeschikking van 3 april 2015, de daarin genoemde stukken en de daarin genoemde twee mondelinge behandelingen van de zaak ter zitting,
- de nadere schriftelijke stellingname (“ conclusiewisselingen”) van partijen.
2.De verdere beoordeling
opgevoerd/gehandhaafd.” Verweerster is hierop in haar latere brief van 5 juni 2015 niet teruggekomen. De voorzieningenrechter gaat er van uit dat verweerster haar verweren niet wenst prijs te geven.