ECLI:NL:RBROT:2015:5500
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen weigering invoer melkpoeder uit derde landen
De voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de weigering van invoer van negen partijen melkpoeder afkomstig uit Singapore. De officiële dierenarts had de invoer geweigerd omdat op de verpakkingen het verplichte identificatiemerk met het land van productie ontbrak, wat een vereiste is volgens Europese en nationale regelgeving.
Verzoeksters voerden aan dat de voedselveiligheid niet in gevaar was, dat zegel- en overeenstemmingscontroles waren uitgevoerd en dat eerdere gelijke partijen wel waren toegelaten. Ook stelden zij dat het melkpoeder bestemd was voor wederuitvoer en dat er geen sprake was van 'in de handel brengen' binnen Nederland.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het melkpoeder als levensmiddel valt onder de Warenwet en Europese verordeningen en dat het ontbreken van het identificatiemerk een overtreding vormt van de invoervoorwaarden. Het feit dat het product een halffabricaat is of bestemd is voor wederuitvoer doet hieraan niet af. Ook is sprake van verhandelen binnen Nederland. De eerdere toelatingen vormen geen reden om de weigering onrechtmatig te achten. Gezien deze overwegingen wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de weigering van invoer van melkpoeder is afgewezen.