ECLI:NL:RBROT:2015:4270
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- D. Brugman
- A.M.E.A. Neuwahl
- I.S. Vreken-Westra
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekking bijstand en boete wegens onduidelijke woonsituatie
Eiser ontving vanaf 2 maart 2013 bijstand, gebaseerd op zijn inschrijving als inwonend op een adres. Naar aanleiding van een anonieme tip werd een onderzoek ingesteld naar zijn feitelijke woonsituatie, waarbij onder meer een huisbezoek aan zijn atelier plaatsvond, waar hij niet officieel mocht wonen. Verweerder trok de bijstand in en vorderde terugbetaling van ten onrechte ontvangen uitkering, en legde een bestuurlijke boete op wegens het niet nakomen van de inlichtingenplicht.
Eiser voerde aan dat hij feitelijk in zijn atelier woonde en dat verweerder bevooroordeeld was en onvoldoende objectief onderzoek had gedaan. De rechtbank oordeelt dat de bewijslast voor intrekking bij verweerder ligt en dat de beschikbare gegevens onvoldoende zijn om vast te stellen dat eiser niet in zijn atelier woonde of samenwoonde met een ander op een ander adres.
De rechtbank stelt dat het feit dat wonen in het atelier niet is toegestaan volgens het bestemmingsplan niet relevant is voor de feitelijke woonsituatie. Omdat verweerder geen deugdelijke feitelijke grondslag heeft voor de intrekking en terugvordering, worden de bestreden besluiten vernietigd. Ook de boete wordt vernietigd omdat de grondslag daarvan vervalt. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de intrekking van de bijstand en de boete wegens onvoldoende feitelijke onderbouwing.