ECLI:NL:RBROT:2013:CA2955
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering vergoeding ongevalsgerelateerde schade na verkeersongeval afgewezen deels toegewezen
Op 23 oktober 2007 raakte eiser betrokken bij een kop-staart botsing. De aansprakelijke partij was verzekerd bij Chartis, die aansprakelijkheid erkende voor ongevalsgerelateerde schade. Het geschil betrof de omvang van de schadevergoeding.
Eiser vorderde vergoeding voor verlies arbeidsvermogen over 2007-2010, premie arbeidsongeschiktheidsverzekering, huishoudelijke hulp, verlies zelfwerkzaamheid, verhuiskosten, een aangepaste stoel en smartengeld. Chartis had reeds € 63.500 betaald en betwistte de omvang van de resterende schade.
De rechtbank oordeelde dat verlies van arbeidsvermogen aannemelijk was, maar matigde de vergoeding tot € 95.000 vanwege doorlopende bedrijfskosten die niet volledig voor rekening van Chartis konden komen. De premie arbeidsongeschiktheidsverzekering werd afgewezen omdat deze reeds was verdisconteerd. Kosten voor huishoudelijke hulp en de aangepaste stoel werden toegewezen, verlies zelfwerkzaamheid en verhuiskosten afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Het smartengeld werd vastgesteld op € 4.500.
Chartis werd veroordeeld tot betaling van € 38.135 plus wettelijke rente en proceskosten, en tot het verstrekken van een belastinggarantie. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering deels toe en veroordeelt Chartis tot betaling van € 38.135 plus wettelijke rente en proceskosten.